Ga naar
de webshop

betalingsmogelijkheden
Go

De boeken Toptien van verkaaik

Go

Volg ons
op
Facebook

Go

Boeken
in de
media...

Go

Wat het lezen van een boek met je kan doen.

Lang geleden, ergens in de jaren 70, zat ik in de bus op weg naar huis. En als altijd had ik iets te lezen bij me. In dit geval een journalistiek verslag over de werkwijze van de Sjah van Perzië en de rechtstreeks onder hem ressorterende  geheime dienst. (de Savak) De Sjah was die knappe man, die getrouwd was met die mooie vrouw (Farah Diba). Hij was bevriend met onze Prins Bernhard, die een soortgelijke levensgenieteruitstraling had. Altijd, als je foto’s zag van de Sjah met zijn vrouw, straalde er een sprookjesachtige sfeer van Duizendeneennacht vanaf.

Diezelfde sfeer trof ik niet aan in het boek. Het bleek dat achter die innemende glimlach van de sjah een keihard gevecht om de macht werd gevoerd met de Mujahedin, waarbij de geheime dienst van de Sjah niet zachtzinnig te werk ging. Terwijl Farah Diba in Zuid Frankrijk inkopen deed en Prins Bernhard met de Sjah in het Ritzhotel een borreltje dronk en daarbij het Nederlandse zakenleven promootte, werd de Mujahedin gefolterd. Er werd in het boek uitgebreid verslag gedaan van die folteringen. Deze werden zo gedetailleerd beschreven, dat ik twee haltes te vroeg moest uitstappen om in de bosjes achter het bushokje mijn maaginhoud te deponeren. Ik heb het boek toen niet verder kunnen en willen uitlezen.

 

Inmiddels zijn we veertig jaar verder en weet ik als boekverkoper dat er duizenden redenen zijn om een boek te lezen. En dat er duizenden redenen zijn om een boek niet te lezen. (Waarvan het hebben van een gevoelige maag er dus een van is).

 

Omdat ik lid ben van een leesclub, belandt er soms een boek uit de tweede categorie in de eerste. Dat overkwam me met: “Het Verslag van Brodeck”, van de Franse auteur Philippe Claudel. Zonder in details te willen treden, mag ik zeggen, dat ook bij dit boek mijn maag ging opspelen. Al heb ik deze keer het boek wel uitgelezen.

Kort samengevat gaat het boek over een door een dorpsbevolking gepleegde misdaad. Iedereen in het dorp, op één na,  speelde een rol bij de misdaad, maar niemand lijkt verantwoordelijk. Door de ene afwezige dorpsinwoner  te dwingen een schriftelijk verslag te maken van wat er gebeurd is, wordt geprobeerd ook deze inwoner medeverantwoordelijk te maken. En als iedereen verantwoordelijk is, is er niemand meer verantwoordelijk. De vraag die het boek opwerpt  is eigenlijk: bestaat er misdaad, waar niemand verantwoordelijk voor is. En als dat zo is, is er dan nog wel sprake van een misdaad.

In het hele boek komt het woord “Jood” niet voor, maar het verhaal sluit vlekkeloos aan op het antwoord dat de Duitsers in de vorige eeuw hebben geprobeerd te geven op“die Judenfrage”.

 

In “De thuiskomst” van Bernhard Schlink werd diezelfde vraag ook gesteld en als volgt beantwoord: Eigenlijk bestaat er geen werkelijkheid, alleen maar de werkelijkheid, zoals we die beschrijven en lezen. Het is nodig een loskoppeling te maken van tekst en auteur, van wat de schrijver met de tekst bedoeld heeft en erkenning van wat de lezer ervan maakt. Als de werkelijkheid niet de werkelijkheid daar buiten het raam is, maar de tekst die we erover schrijven en lezen, zijn niet de echte moordenaars verantwoordelijk, ook niet de slachtoffers die er niet meer zijn, maar de tijdgenoten die de moord betreuren en bestraffen. En als geen van de tijdgenoten de moord betreurt en bestraft, is er geen misdaad gepleegd.

 

Beide boeken geven een kijkje in de duistere krochten van de menselijk geest. Het meest vervelende is, dat beide boeken laten zien, dat ieder van ons die duistere krochten in zich draagt. Wanneer er maar op de juiste knoppen wordt gedrukt, zijn wij medeverantwoordelijk en als we allemaal medeverantwoordelijk zijn, kunnen de meest vreselijke dingen gebeuren zonder dat ze bestraft worden.

Ik weet niet of ik nu wel op die conclusie zat te wachten. Ik denk dat ik toch maar een paar haltes eerder uit de bus stap……